Hoe word je een ‘beste werkplek’?

0
112

Topbedrijven aan het woord

Schoenen Torfs, Accent en McDonald’s bij de grote bedrijven. Softwarebedrijf EASI, AE en Secretary Plus bij de kleinere bedrijven. Zij bezetten in hun categorie het podium en zijn dus door hun eigen medewerkers uitgeroepen tot ‘Best Workplace’ in het recente onderzoek van het Great Place to Work Institute Belgium.
Tekst: William Visterin

Zij, en ook veel andere erkende bedrijven, staan al enkele jaren hoog in de eindrangschikking. Hoe doen ze dat toch?

Jaarlijks spenderen we gemiddeld 1.576 uren op het werk. “De manier waarop we samenwerken en plezier hebben met onze collega’s, bepaalt een groot deel van onze werkervaring”, benadrukt Dirk Buyens, CEO van het Great Place to Work Institute Belgium en professor bij Vlerick Business School.

Het is dan ook Vlerick Business School en het internationale Great Place to Work Institute dat, in samenwerking met Jobat en MARK Magazine, met het Great Place to Work-onderzoek jaarlijks op zoek gaat naar de ‘Best Workplaces’. Het laat hierbij de eigen werknemers grotendeels het eindresultaat bepalen. Maar hoe word je een ‘Best Workplace’? Enkele vaststellingen.

1. Drie pijlers: vertrouwen, trots en plezier

Kort samengevat: goede werkplekken zijn organisaties waar mensen vertrouwen hebben in het management, trots zijn op hun job en plezier beleven op het werk. “Great Place to Work kijkt naar bedrijven doorheen twee lenzen”, vertelt Dirk Buyens. “De Trust Index-enquête of werknemersbevraging onderzoekt hoe medewerkers vertrouwen, trots en collegialiteit ervaren in hun bedrijf. Daarnaast evalueert de Culture Audit-vragenlijst, de bevraging aan de HR-managers en -medewerkers, het werkgeversbeleid van de organisaties”, legt Buyens uit. “Uniek in deze aanpak is dat de evaluatie door de medewerkers primeert. Twee derde van de eindscore wordt namelijk bepaald door de resultaten van de eigen medewerkers.”

2. Werk van lange adem

“Eigenlijk hebben we het voorbije jaar niets speciaals gedaan”, zo reageerde Katrien Van Esser, HR-manager van selectie- en uitzendbedrijf Accent tijdens de uitreiking. Haar bedrijf is al jaren een vaste waarde in de top drie. Maar met haar uitspraak bevestigt ze ook dat hoog eindigen als ‘best workplace’ meestal geen one shot is. Zo werd Schoenen Torfs intussen al voor de negende keer verkozen tot Beste Werkgever. Bij de kleine bedrijven (minder dan 500) zijn ook Easi, AE en Secretary Plus vaste waarden.

Katrien Van Esser eindige met Accent op de tweede plaats. Lees verder onder de foto.

3. Geld maakt geen verschil

Ook opvallend bij de jaarlijkse verkiezing van Great Place To Work is dat op het eerste gezicht minder evidente werkgevers goed scoren. Of men nu schoenen of hamburgers verkoopt: elke organisatie kan een geweldige plek om te werken worden. In de lijst van winnaars duiken diverse bedrijven op: van uitzendkantoren en productiebedrijven tot winkelketens en banken.

Ook loon is niet van tel. “Er is geen rechtstreekse relatie tussen het loon dat je je personeel geeft en de kans om hoog te eindigen in deze lijst”, aldus Vlerick-professor Dirk Buyens. Dat doet alvast een beetje denken aan een eerder onderzoek van Vlerick Business School, waaruit bleek dat de (financieel) best presterende bedrijven hun CEO's relatief minder betalen.

4. Bedrijven doen het jaar op jaar beter

In totaal ontvangen maar liefst 35 organisaties deze erkenning voor hun goed werkgeverschap. “Een opmerkelijke toename ten opzichte van vorig jaar”, merkt Buyens op. “Steeds meer Belgische bedrijven investeren in goed werkgeverschap.” Toch stijgt het totaalgemiddelde van alle deelnemende bedrijven aan het onderzoek niet echt. “Het verschil in resultaat tussen bedrijven die de erkenning krijgen, en zij die het niet krijgen, nam toe in vergelijking met het onderzoek van vorig jaar”, merkt hij op. Of hoe goede werkgevers in meer dan één opzicht het verschil maken.

Resultaten Best Workplaces 2018

Alle winnaars op het podium
gptw

Tekst: William Visterin