Over het belang van LinkedIn en de granny-test

Rekrutering gebeurt meer dan ooit online, met een bijzondere rol voor sociale media. Een blik in de toolbox van de e-recruiter zorgt voor interessante tips voor wie gevonden wil worden.
TEKST: Timothy Vermeir

“E-recruitment of digitaal rekruteren is eigenlijk moeilijker dan klassiek rekruteren, toen je een advertentie plaatste en wachtte op cv's”, zegt Lieven Van Nieuwenhuyze, verantwoordelijke voor marketing bij Accent én House of HR, de groep boven Accent, maar ook gastdocent e-recruitment aan de EHSAL Management School. “Maar als je bijblijft met de technologische mogelijkheden en er genoeg tijd in investeert, kan het erg efficiënt zijn. Efficiënt wil zeggen: de best passende kandidaat vinden op de snelste manier, tegen zo laag mogelijke kosten.”

Al blijven de eigen jobsite en de klassieke kanalen belangrijk, sociale media zijn cruciaal  bij digitaal rekruteren. Immers: de best passende kandidaat is ongetwijfeld een van die 6,9 miljoen Belgen die actief zijn op Facebook. En geen enkele cv-databank is zo uitgebreid als LinkedIn.

“Voor organisaties die hun huiswerk hebben gemaakt, zijn sociale media ook de snelste manier om werkzoekenden te bereiken”, vervolgt hij. “Accent Jobs heeft op Facebook bijna 40.000 likes. Dat laat ons toe om snel de juiste mensen te bereiken. Natuurlijk: het kost tijd en energie om al die likes te verdienen, maar ze vormen wel een belangrijke wervingsreserve voor ons.”

En de kosten? Sociale media laten toe om veel gerichter mensen aan te spreken, en alleen de bouwkundig ingenieurs met tien jaar ervaring in de scheikundige industrie – om maar wat te zeggen – aanspreken, is goedkoper dan de boodschap heel breed uit te smeren.

Wat betekent dat voor jou?

De voordelen voor ondernemingen zijn duidelijk. Maar wat betekent het voor jou wanneer ondernemingen sociale media gebruiken om toekomstige werknemers te zoeken?

“Het allerbelangrijkste medium voor wie al dan niet actief op zoek is naar werk, blijft toch LinkedIn – of je nu heel erg hooggeschoold bent of niet”, luidt een eerste duidelijke tip. “Belangrijk is wel om te weten hoe recruiters te werk gaan en om je cv daarop af te stellen. Je moet de juiste trefwoorden en hun synoniemen gebruiken én herhalen in je cv. Zo kom je bovenaan de zoekresultaten. Zorg ook dat die trefwoorden slaan op wat je wilt doen, veeleer dan op wat je gedaan hebt.”

Een tweede tip? Like de ondernemingen waar je graag zou willen werken op Facebook, follow ze op LinkedIn. “Bedrijven gaan altijd eerst kijken bij de mensen die ze al kennen. Een recruiter die al tien goede cv's heeft dankzij zijn eigen netwerk, gaat niet betalen voor bijkomende advertenties. Je moet dus zorgen dat je bij die eerste tien zit.”

“Screen ook jezelf”, luidt de derde tip. “Je wéét dat een recruiter je wel al zal gegoogeld hebben als je op gesprek gaat. Doe het ook, dan weet je waar de recruiter misschien naar zal vragen.” Maar ook omgekeerd kun je zelf online op zoek naar jouw contactpersoon: hoe meer je weet over die persoon, hoe beter je jezelf kunt verkopen.

Wat je zeker niet moet doen? Lieven Van Nieuwenhuyze verwijst naar de studenten die geweigerd zijn door de prestigieuze Harvard University omdat ze zich online erg laatdunkend uitlieten over allerlei groepen, maar ook naar zijn eigen onderzoek over mensen die hun job verloren door posts op sociale media. “Ik raad aan om jezelf toch wat te censureren. Hou daarbij de granny-test in het achterhoofd: als je oma aanstoot zou nemen aan wat je online wilt zetten, is het misschien beter dat niet te doen.”

 

 

TEKST: Timothy Vermeir

“Deze website maakt gebruik van bestanden (zoals cookies) en andere technologieën. Door verder te surfen stemt u in met het gebruik hiervan."
Meer informatie

The cookie settings on this website are set to "allow cookies" to give you the best browsing experience possible. If you continue to use this website without changing your cookie settings or you click "Accept" below then you are consenting to this.

Close